De jonge vosjes Rosseel en Reinaerdijn groeien op zonder vader. Hij is al zo lang weg dat ze hem zich nauwelijks meer kunnen herinneren. Volgens de verhalen van hun moeder was hij een held.
Als ze een keer tijdens het stelen van een worst door beer Bruun worden betrapt en naar huis worden gebracht, blijkt dat Bruun hun vader Reinaert goed heeft gekend. Hij vertelt de vossenrbroertjes verhalen over hem. Avond na avond hangen de vosjes aan zijn lippen.







